Didactisch model taalbeschouwing

8.2.9 Didactisch model taalbeschouwing

Omschrijving

Een model waarmee de leraar zijn taalbeschouwingsles kan ontwerpen en uitvoeren, rekening houdend met alle relevante aspecten van het taalbeschouwingsproces.

Toelichting

Bij grammaticaonderwijs en onderwijs in het bewust toepassen van strategieën wordt in methoden vaak gebruikgemaakt van het directe-instructiemodel.

Voor andere vormen en onderdelen van taalbeschouwingsonderwijs zijn verschillende didactische modellen geschikt:

De lus (Dekkers 1997) is geschikt voor het ontdekken van regelmatigheden in taalsysteem en taalgebruik, en leent zich zowel voor incidenteel als intentioneel onderwijs. Dit model bestaat uit vijf stappen:
- stap 1: het signaleren van een taalverschijnsel;
- stap 2: andere voorbeelden verzamelen;
- stap 3: voorbeelden vergelijken en ordenen;
- stap 4: formuleren van essentiële kenmerken (regelmatigheid);
- stap 5: controleren van de regel.

Dit model doet een beroep op verschillende taalbeschouwingsstrategieën.

Voor het reflecteren op mondeling en schriftelijk taalgebruik in communicatieve situaties zijn vragen geformuleerd om het taalgebruik in de totale reële context te bekijken. Hierdoor komt de taalgebruiker tot een betrouwbaar inzicht in taalgebruik, waarmee hij zijn eigen taalgebruik kan verbeteren:
- Wie zegt…?
- Wat?
- Waarover?
- Aan wie?
- Met welke bedoeling?
- Hoe?
- Langs welke weg en met welke middelen?
- In welke omstandigheden?
- Wat is de reactie, het effect
?
(Daems e.a. 2004)

Zie ook

Taalbeschouwingsstrategieën; didactiseren van taalverschijnselen.